StudieKeuzeAdvies

Van studie wisselen komt veel vaker voor dan je denkt. Dat is prettig om te weten, maar het beantwoordt je vraag niet: wat moet je nu regelen, en hoe kies je opnieuw zonder dezelfde fout te maken? Hieronder eerst de cijfers, daarna de praktijk.

Hoe vaak het gebeurt

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap houdt dit bij in de Monitor beleidsmaatregelen hoger onderwijs. Van de eerstejaars in het hoger onderwijs koos ongeveer 18 procent voor een andere studie, ruim 24.000 studenten in één jaar.

Dat percentage schommelt al jaren rond de 20 procent. Op het hbo ligt het iets hoger dan op de universiteit, en dat verschil wordt kleiner.

Voor het mbo bestaan minder recente cijfers, maar ook daar gaat het om grote aantallen. De onderzoeken tellen switchen en volledig stoppen daar door elkaar heen, dus een eerlijke vergelijking tussen mbo, hbo en wo is niet te maken.

Wat wel vaststaat: je bent niet de eerste en zeker niet de laatste.

Wie er switcht

Interessanter dan het totaal is de uitsplitsing naar vooropleiding, want daar zit een patroon in.

Van de havisten op het hbo switchte ongeveer een kwart. Van de mbo'ers en de vwo'ers op het hbo lag dat rond de 15 procent, en van de vwo'ers op de universiteit rond de 22 procent.

Zo lijkt het alsof mbo'ers het minst vaak van studie wisselen. Tel je er de studenten bij op die helemaal stoppen, dan draait het beeld om: ruim 20 procent van de voormalige mbo'ers stopt volledig in het eerste jaar van het hbo, tegen ongeveer 14 procent van de havisten en 7 procent van de vwo'ers.

Kort gezegd: havisten switchen het vaakst, mbo'ers haken het vaakst helemaal af. Als jij vanaf het mbo doorstroomt naar het hbo, is dat geen voorspelling maar wel een reden om vroeg aan de bel te trekken als het niet loopt.

Waarom studenten switchen

De startmonitor vraagt het studenten ieder jaar zelf. De antwoorden staan opvallend dicht bij elkaar.

  • De studie is niet wat ik ervan verwachtte: bijna de helft
  • Ik heb een verkeerde studiekeuze gemaakt: bijna de helft
  • De manier van lesgeven past niet bij mij: ruim een derde
  • Ik had onvoldoende motivatie: ruim een derde
  • Ik voelde me niet thuis op de opleiding: ongeveer een kwart
  • De studie is te zwaar: ongeveer een vijfde

De twee grootste redenen gaan over hetzelfde: het beeld vooraf klopte niet met de werkelijkheid. Dat is precies waar proefstuderen iets aan doet, en daar komen we verderop op terug.

Helpt oriënteren eigenlijk?

Een beetje, en niet zo hard als je zou hopen.

Studenten die doorstuderen kozen vaker bewust voor hun opleiding dan studenten die uitvallen, en switchers deden minder vaak mee aan studiekeuzeactiviteiten. Tegelijk valt ongeveer dertig procent van de studenten die wél meededen alsnog uit. Oriënteren is dus geen garantie.

Eén signaal is wel sterk: als je uit de matching een negatief advies of een twijfeladvies krijgt, is de kans op uitval duidelijk groter. Neem zo'n advies dus serieus, ook als het niet is wat je hoopte te horen.

Over een tussenjaar zeggen de cijfers weinig eenduidigs. Op het hbo switchen studenten met een tussenjaar zelfs iets vaker, op de universiteit iets minder. De verschillen zijn klein.

Zoek je studieadviseur op

Nu naar de praktijk. Als je je draai niet vindt, is de neiging om je terug te trekken: je slaat een les over, je maakt jezelf onzichtbaar.

Doe dat contact met je studiebegeleider of studieadviseur juist niet weg. Dat is het gesprek waarin blijkt wat er echt aan de hand is. Vind je de studie niet leuk, of zit je in het algemeen slecht in je vel? Krijg je je werk niet af, of is de stof te saai?

Er is vaak meer mogelijk dan je weet: meer tijd voor bepaalde onderdelen, extra uitdaging, of een vak volgen buiten je opleiding of zelfs bij een andere school. Dat kan de reden zijn dat je het tóch leuk gaat vinden, en het kan de zachte overgang naar een andere studie zijn.

En blijkt de conclusie dat deze opleiding het echt niet is, dan helpt dat gesprek je om op tijd te stoppen. Op tijd is hier geen loze term: het moment waarop je stopt bepaalt wat het je kost.

Uitschrijven, en wat je niet mag vergeten

Stop je, dan schrijf je je uit bij je opleiding via Studielink. Daarna komen twee dingen die vaak worden vergeten.

Zet je studiefinanciering stop via Mijn DUO. En zet je studentenreisproduct stop bij een ophaalautomaat, de gele automaten op stations en bij veel supermarkten en tabakszaken.

Vergeet je dat tweede en je blijft reizen, dan krijg je een boete per halve maand, en die loopt snel op als je het langer laat lopen. Doe het dus op de dag dat je stopt, niet in de week erna.

De 1-februariregeling

Stop je vóór 1 februari met je mbo 3-, mbo 4-, hbo- of universitaire opleiding, en heb je je studiefinanciering en reisproduct stopgezet, dan hoef je je reisproduct, je basisbeurs en een eventuele aanvullende beurs niet terug te betalen.

Je kunt hem één keer gebruiken voor het mbo en één keer voor het hbo of de universiteit.

Er zit één addertje onder het gras: je mag je in datzelfde studiejaar niet opnieuw aanmelden voor een opleiding. Stop je in oktober en begin je in februari weer, dan vervalt de regeling. De maanden die je hebt gehad, tellen bovendien gewoon mee als verbruikte maanden prestatiebeurs.

Nog twee dingen om te weten. Ben je in februari begonnen, dan schuift de datum mee en moet je vóór 1 september gestopt zijn. En het kan lang duren voordat je schuld in een gift wordt omgezet, dus schrik niet als je het niet meteen terugziet bij DUO.

Moet je van opleiding wisselen vanwege een beperking of een chronische ziekte, dan kun je opnieuw aanspraak maken op je rechten. Dat is een aparte regeling, en die staat op duo.nl.

In februari doorstarten, en de overbruggingsregeling

Weet je al welke studie het wel moet worden, dan kan snel stoppen dubbel voordelig zijn. Een deel van de opleidingen kent naast september ook een instroommoment in februari, dus je kunt meteen door. Check wel eerst of jouw opleiding dat aanbiedt.

Daar zit ook een financieel voordeel aan. Zit er maximaal vier maanden tussen je oude en je nieuwe studie, dan mag je je studiefinanciering en je reisproduct in die tussenmaanden meestal houden. Dat heet de overbruggingsregeling.

Let op de volgorde: je moet je bij de nieuwe opleiding inschrijven vóórdat je je bij de oude uitschrijft. Gaat die nieuwe opleiding toch niet door, dan vervalt de overbrugging en zet je alsnog zo snel mogelijk alles stop.

Vraag je vooruitbetaalde collegegeld terug

Je betaalt je collegegeld meestal per jaar of per kwartaal vooruit. Stop je halverwege, dan kun je het deel over de maanden dat je niet meer studeert terugvragen.

Dat regel je met je school zelf, en het gaat niet automatisch. Vraag er dus naar.

Opnieuw kiezen, zonder dezelfde fout

De angst om er nog een keer naast te zitten is begrijpelijk, en die angst voert de druk flink op. Eén ding helpt daartegen: je bent niet terug bij af.

Je weet nu hoe studeren werkt, en dat is echt iets anders dan de middelbare school. Je weet hoe een studiejaar voelt, hoe zelfstandig je moet zijn, en of de vorm van onderwijs bij je paste. Die ervaring had je vorig jaar niet.

Je weet bovendien iets wat je eerst niet wist: wat je níét leuk vindt. Dat klinkt als een schrale opbrengst, en dat is het niet. Het haalt een hele hoek van de kaart weg, en het maakt je beoordelingsvermogen scherper dan je zelf merkt.

Ga proefstuderen

Je bent op de middelbare school waarschijnlijk doodgegooid met open dagen. Ga er toch heen, maar reken er niet op dat je er alles uit haalt.

Meelopen en proefstuderen doen meer. Bij meelopen draai je een dag of dagdeel mee met een eerstejaars en zit je in de colleges die hij of zij ook volgt. Bij proefstuderen krijg je videocolleges en opdrachten waar je thuis mee aan de slag gaat.

Allebei beantwoorden ze de vraag waar het echt om draait: wat doe je nou eigenlijk de hele dag bij deze opleiding? Dat is de vraag waar bijna de helft van de switchers op is stukgelopen, en op een open dag krijg je hem zelden goed beantwoord.

En je hebt er nu tijd voor, meer dan in je examenjaar.

Tot slot

Hetzelfde onderzoek dat laat zien hoeveel studenten switchen, laat nog iets zien. Wie eenmaal geswitcht is, heeft vaker bewust gekozen en voelt vaker aan het begin van het jaar een goede match met de opleiding. En dat is een van de betere voorspellers voor hoe de rest van de studie verloopt.

Switchers vinden hun plek dus meestal wel. Via een omweg, maar ze vinden hem.

Kom je er zelf niet uit?

Dat is niet gek. Je kunt het ook samen doen: vier gesprekken met een vaste coach bij jou in de buurt. Het eerste gesprek is vrijblijvend en verplicht je tot niets.

Begin met een gesprek. Het kost je niets.

Je vraagt een gesprek aan bij de coach in jouw stad. Niet bij een centraal punt, maar bij de persoon die je straks spreekt.

Het eerste gesprek is kosteloos, en daarna beslis jij.

  1. Kies de stad waar je begeleiding wilt.
  2. Lees wie daar werkt, en waar die coach goed in is.
  3. Vraag bij die coach een kosteloos intakegesprek aan.